| |
|
|
| |
 |
|
 |
| |
Groot intervieuw met John van Loenhout
'Mijn samenwerking met Martin Jol was niet echt een succes'
BERGEN OP ZOOM - Hij gold jarenlang als één van de meest veelbelovende spelers in de Jupiler League. Toch kon John van Loenhout (34) de absolute stap naar de top nooit maken. Langzaam verdween de linkspoot van het landelijke strijdtoneel. Nu is hij de onbetwiste spelmaker van topklasser F.C.Lienden en bovenal familieman. Bergen op Zoom, hartje winter. Van Loenhout is verknocht aan het stadje in Noord-Brabant. Vier keer per week rijdt hij, samen met de andere ex-profs, Jørg van Nieuwenhuijzen, René van Dieren en Niek Ripson naar het pittoreske Lienden. Voor de plaatselijke F.C. verlaat hij al op zijn 31ste de voetballerij. Spijt heeft de technisch begaafde middenvelder nooit van die stap gehad. Integendeel. “Ben je gek”, vertelt de sympathieke van Loenhout. “Ik ga nog voor geen honderd miljoen euro weg uit Bergen op Zoom, maar ik ben ook echt gaan houden van F.C.Lienden. Die club heeft zoveel voor mij betekend. Toen toenmalig trainer Hans Kraay jr. mij in 2009 benaderde, waren we er binnen vijf minuten uit. Ik ben nog altijd heel erg gemotiveerd. Ik hoop hier nog één of twee jaar te spelen en het ultieme doel te bereiken: kampioen worden met F.C.Lienden in de topklasse.”
En toch beleeft hij de eerste maanden van het huidige seizoen wat minder plezier in de Betuwe. Na een topjaar in de hoofdklasse, waarin promotie naar de topklasse wordt bewerkstelligd, kent F.C.Lienden een wisselvallig eerste seizoen in die topamateurklasse. Met een tiende plaats als gevolg. Deze voetbaljaargang lijkt het lang niet veel beter te gaan. Van Loenhout denkt zelfs aan stoppen, maar dat gevoel heeft hij allang weer achterwege gelaten. Hij droomt zelfs nog stiekem van de titel. “Na het duel tegen de Treffers (1-3 verlies op 20 november 2011, red.) zijn we als spelersgroep bij elkaar gaan zitten. Zonder technische staf. Het kon zo niet langer. Ik speelde zelf die periode ook te wisselvallig, ook een klein beetje vanwege de wegebbende motivatie. We hebben elkaar goed de waarheid verteld en zijn daarna met die informatie naar de leiding gestapt.”
F.C.Lienden speelt volgens de spelersgroep te afwachtend. Catenaccio bijna. Van Loenhout, voetballer pur sang, ziet het met lede ogen aan. Moet achter ballen aanhollen die hij normaal in zijn voeten gespeeld zou krijgen. Het crisisberaad heeft gewerkt, maar misschien komt het allemaal net te laat. “We zijn daarna aanvallender gaan spelen. Dat hoort ook bij F.C.Lienden. Het publiek vermaken. Dat kan niet elke keer, maar het moet wel de insteek zijn. We zijn ook geweldig uit de winterstop gekomen. Neem de 0-5 bij WKE. Het leek wel Barcelona man. Echt genieten. Ik heb met F.C.Lienden nog nooit zo goed gespeeld.”
De routinier is nog altijd de onbetwiste spelmaker in Lienden. Met een gouden linkerbeen en dito overzicht. Hij geniet, met drie kinderen, van het huisvaderschap. Straalt van oor tot oor. Ook met dank aan het amateurvoetbal. Hij gedraagt zich allerminst als een vedette. Werkt hard, net als al zijn ploeggenoten. “Je moet hier wel passen, van praatjesmakers houden ze hier niet. En natuurlijk, de financiën zijn bij F.C.Lienden ook heel aardig geregeld. Het is gewoon één van de bestbetalende clubs in het amateurvoetbal. Het wordt mede daardoor ook steeds interessanter om bij de amateurs te gaan spelen. Wij doen bijvoorbeeld zeker niet onder voor de laatste tien ploegen in de Jupiler League. En ik denk niet dat je bij de meeste van die teams fatsoenlijk een gezin kan onderhouden. Toch moeten amateurclubs, en dus ook F.C.Lienden, er wel voor uitkijken niet alleen maar spelers uit het profvoetbal te halen. Ook in de hoofdklasse en de klassen daaronder loopt heel veel talent rond. ”
Hij is dus in een gespreid bedje terechtgekomen. Zijn open karakter komt perfect tot uiting bij de gemoedelijke topklasser. Maar toch, hij heeft lang niet alles uit zijn profcarrière gehaald. En dat beseft hij achteraf, zonder overdreven te chagrijnen, ook maar al te goed. “Mensen vragen zich nog weleens af hoe iemand met ‘zulke kwaliteiten’ geen miljonair is geworden. Dat ligt natuurlijk bovenal aan mezelf, maar ook andere factoren hadden daarop invloed. Ik heb heel slechte zaakwaarnemers gehad. Mensen van wie ik ook nooit meer iets heb gehoord toen ik stopte met profvoetbal. Zij hebben bijna niets voor mij gedaan, terwijl ik altijd vertrouwen in hen ben blijven houden. Ik heb in de loop der jaren ook heel veel domme aankopen gedaan. Heb bijvoorbeeld een aantal huizen gekocht en voor veel verlies weer verkocht. Ben tevens impulsief. Ook wat dat betreft zou een zaakwaarnemer een veel meer sturende rol moeten hebben. Als ik andere mensen om me heen had gehad, was mijn loopbaan misschien heel anders gelopen. Maar ja, dat is allemaal achteraf.”
Hoogtijdagen
Van Loenhout kent in het profcircuit een respectabele loopbaan, vooral in de top van de Jupiler League. Zijn beste periode beleeft hij als jonkie bij de club waar hij ook de jeugdopleiding doorloopt, RBC Roosendaal. Van Loenhout kent vier verdienstelijke seizoenen. Mist bijna geen wedstrijd. In zijn laatste jaar maakt hij liefst zestien doelpunten en promoveren de Roosendalers onder trainer Robert Maaskant zelfs via de nacompetitie naar de eredivisie. De aanvallende middenvelder weet al veel eerder dat hij op het hoogste niveau gaat uitkomen. RKC Waalwijk bereikt al in een vroeg stadium een overeenkomst met RBC over een overgang.
De statistieken kan hij zo oplepelen. De stap naar Waalwijk blijkt achteraf echter niet de juiste. “Ik kon echt uit tien ploegen in de Eredivisie kiezen. Ik kende een moeilijk eerste half jaar, maar ging daarna steeds beter spelen. Trainer Martin Jol zag het echter niet in mij zitten. Ik ben niet moeilijk, maar wel altijd open en eerlijk. Ik heb dan ook gezegd dat ik het onterecht vond dat ik zo weinig aan spelen toekwam. In mijn tweede seizoen kende ik een heel goede periode. Toen er jongens terugkwamen van blessures zat ik opeens weer op de bank. Dat sloeg echt nergens op. Ik was jong en kon mijn mond niet houden. Op eigen verzoek ben ik toen weer verhuurd aan RBC.” Weer weet van Loenhout met zijn ploeggenoten in Roosendaal promotie naar het hoogste niveau af te dwingen. Tot een verbintenis komt het echter niet. Met frisse tegenzin moet de inwoner van Bergen op Zoom dus weer terugkeren naar Waalwijk. “Met RBC kwam ik er niet uit. Jol was heel eerlijk. Ik zou weinig kans maken op speelminuten. Ik kende aanvankelijk een supervoorbereiding, maar een basisplaats zat er niet in en onze karakters botsten weer.”
Teleurstelling
Van Loenhout, één van de grootverdieners bij RKC, besluit medio 2003 ondanks een doorlopend contract eieren voor zijn geld te kiezen. De stap naar VVV Venlo, andermaal in de Jupiler League, pakt goed uit. In de twee seizoenen in Venlo is hij dicht bij de landstitel, maar telkens vergeet de huidige eredivisieploeg het af te maken. Tijdens zijn tweede voetbaljaar in Venlo heeft hij echter allang besloten te vertrekken. VVV slaat namelijk na het eerste seizoen een bod van Barnsley af en dwarsboomt daarmee dus een transfer naar Engeland. “De grootste teleurstelling in mijn carrière. Ik was echt kwaad. In Engeland spelen was een droom. Daarnaast kreeg ik daar een heel goed contract aangeboden. Ik had me in die drie jaar financieel onafhankelijk kunnen spelen. Dat is nogal wat, voor een jongen uit een doodgewoon en hardwerkend gezin. VVV had mij die kans nooit mogen ontnemen. Natuurlijk, ik had gewoon een contract. Maar deze mogelijkheid komt maar één keer voorbij.”
Van Loenhout is een man van zijn woord en trekt de deur in Venlo na twee succesvolle seizoenen achter zich dicht. Tot ontzetting van de supporters, die hem met een handtekeningenactie nog proberen te overtuigen om te blijven. Ondanks de prachtige geste, is het kwaad al geschied. Van Loenhout wordt door de Graafschap aangetrokken. Twee jaar later promoveert de formatie uit Doetinchem naar de eredivisie, maar de inbreng van de beoogde spelmaker is nihil. De start van van Loenhout belooft nog veel goeds, totdat het tegen Haarlem helemaal misgaat. Hij kan het moment nog volledig terughalen. “Het was vijf minuten na rust. Na een duel kwam ik verkeerd neer. Mijn linkerknie werd een beetje stijf, maar ik kon de wedstrijd gewoon uitspelen. Werd zelfs nog uitgeroepen tot man of the match.” Ploeggenoot en ervaringsdeskundige John van Beukering ziet direct na het duel dat het mis is. De technicus blijkt zowel zijn voorste als achterste kruisband afgescheurd te hebben en ligt negentien maanden uit de roulatie. In het kampioensjaar keert hij terug, voornamelijk als invaller. Ook op de Vijverberg bevindt hij zich in een warme omgeving. Op het veld heeft hij het echter nooit kunnen laten zien.
Het contract van van Loenhout wordt in Doetinchem niet verlengd. Echt interessante aanbiedingen blijven lang uit, waarna de middenvelder kiest voor een buitenlands avontuur. Op het vierde niveau in Duitsland, bij s.v.Straelen. Peddelend op en neer vanuit Bergen op Zoom of het dichtstbijzijnde Venlo houdt hij het daar een jaar vol, spelend tegen tweede elftallen van ploegen als Bayer Leverkusen en 1. FC Köln. Mede vanwege een derde kindje keert hij terug naar Nederland. In eerste instantie om te gaan spelen bij v.v.Baronie. Bij de amateurs vertrekt hij alweer na zes weken. Hij kan niet opschieten met trainer Peter Maas en komt via oefenmeester Gert Kruys uiteindelijk terecht bij F.C.Dordrecht. “Het contract dat ik daar kreeg voorgeschoteld was echt dramatisch, niet zoals ik gewend was”, lacht van Loenhout. “Ik kon mijn CFK (pensioenfonds, red). aanhouden, anders was het niet mogelijk om mijn gezin te onderhouden. Vroeger kreeg je in de eerste divisie nog contracten aangeboden van drie jaar, maar dat is nu niet meer aan de orde.”
Het profvoetbal laat hij medio 2009 definitief achter zich. En nog altijd buffelt hij wekelijks vol overgave in het shirt van F.C.Lienden. Hij kan er nu om lachen. Relativeert. Van Loenhout kent een carrière voor trouwe supporters, in veredelde vriendenteams. Ook vooral in de top, als één van de betere spelers. Hij kijkt er met tevredenheid op terug, al had er zoveel meer ingezeten. “Misschien ontbrak bij mij ook de echte topsportmentaliteit, moeilijk te zeggen. Een bitterballetje liet ik bijvoorbeeld nooit liggen. Het zat op sommige aspecten ook niet mee, alhoewel ik bij al mijn clubs een geweldige tijd heb gehad. Het spelen onder trainers als Adrie Koster, Jan Poortvliet en Maaskant was top. Jol is ook gewoon een heel goede coach, maar onze samenwerking was dus niet echt een succes.” Van Loenhout heeft zich financieel dan nog niet ‘binnen’ gespeeld, maar dat is ook het enige. De glimlach domineert. De mindere kanten van het profvoetbal heeft hij achter zich gelaten. En wie weet wat hij de komende jaren nog weet te bereiken in Lienden. Een kampioenschap is de ultieme droom. En misschien ook wel de bekroning op zijn carrière. In tegenstelling tot de titel in Doetinchem, zal het dan wel voelen als ‘zijn’ feestje. De tijd zal het leren.
Bron: Voetbalzone.nl door Erik van Haren.
Foto: Aart - Jan van Ingen.
|
|
 |
|
 |
 |
|
 |
| |
Allerlei vragen over blessures
Hieronder een heel relaas betreffende allerlei blessures, misschien wel handig om eens na te gaan om welke blessures het gaat en wat er tegen te doen. Deze keer 20 vragen over liesblessures:
1) Wat is een liesblessure eigenlijk?
Alle klachten in de liesstreek vallen in principe onder de noemer liesblessure. Bijvoorbeeld ook de irritatie, of erger dan dat, van de band tussen de beide schaambeenderen na zwangerschap, beknelde zenuwen of ontstekingen vallen hier onder. Deze blijven hier buiten beschouwing. Gezien de veelheid aan mogelijkheden zal de diagnose altijd door een arts moeten worden gesteld.
2) Is een liesblessure hetzelfde als een liesbreuk?
Neen, absoluut niet. Een liesbreuk is een zwakke plek in de buikwand. Hierdoor kan, door druk van binnenuit bijvoorbeeld bij het tillen van zware dingen, een uitstulping ontstaan. Dit valt niet te trainen en zal, indien er veel hinder van wordt ondervonden, operatief worden gerepareerd door onderhuids een verstevigingsmatje aan te leggen.
3) Waar hebben sporters het dan altijd over?
Wat bij sporters met een liesblessure wordt bedoeld is een overbelasting, verrekking of scheuring van de spieren aan de binnenkant van het bovenbeen (adductoren, met name de m. adductor longus). De blessure zit meestal in de overgang van de spier naar de pees of bij de aanhechting van de pees aan het schaambeen (adductorentendinitis).
De klachten in de spier komen vaak door een verkeerde beweging terwijl de aanhechtingsproblemen vaak langdurige overbelasting als oorzaak hebben.
4) Waar doet het dan pijn?
Er is meestal sprake van een scherpe pijn in de lies of de spieren aan de binnenzijde van het bovenbeen. Ook is het pijnlijk als je drukt op de spier en het schaambeen. De pijn kan naar de buik uitstralen.
Als je beide benen tegen elkaar aandrukt zal de pijn heviger worden omdat dan de geblesseerde spier aan het werk wordt gezet. Vaak is er ook een zwelling of blauwe plek zichtbaar.
5) Hoe ernstig is een liesblessure?
Dat hangt af van welke graad er sprake is. In ieder geval mag je hem niet negeren en zal je maatregelen moeten nemen.
6) Hoezo graden?
Bij een 1e graad liesblessure is er sprake van een irritatie / verrekking (er is nog geen scheuring waarneembaar) en het krachtverlies is minimaal. Je hebt klachten de dag na sportbeoefening en/of aan het begin van de warming-up. Je bent dan gewaarschuwd en kunt erger voorkomen.
Bij de 2e graad is er sprake van een spierscheuring. Hierbij zijn duidelijk vezels gescheurd en er is sprake van fors krachtverlies.
Bij graad 3 is er sprake van een totale ruptuur. Hierbij is direct operatief ingrijpen noodzakelijk. Gelukkig komt deze heftige vorm niet vaak voor.
Soms zie je een verdeling in vier graden.
7) Kan iedereen deze blessure krijgen?
Ja, iedereen die in de winter buiten komt en loopt te glibberen door de gladheid kan de blessure krijgen. Het risico dat je in een onbedoelde spagaat gaat, en dat probeert te voorkomen, kan voldoende overbelasting zijn om een liesblessure op te lopen.
Sportief gezien zijn er ook vele kandidaten.
Allereerst turnsters bij het optrainen naar de, wel bedoelde, spagaat. Daarnaast tennissers die op de baan van links naar rechts (en terug) rennen. Die glijden vaak wijdbeens over het gravel. Bovendien zijn voetballers (goede) kandidaten omdat ze vaak draaien en kappen en veel met de binnenkant van de voet de bal bespelen (overbelasting). Als bovendien tijdens het schot de voet geblokkeerd wordt, door een tegenstander of de grond, is het risico van een scheuring relatief groot.
Ook lange afstandslopers kunnen gemakkelijk overbelastingsklachten van de aanhechting van de adductoren krijgen. De aanhechtingen van de adductoren zijn dan geïrriteerd.
8) Zijn er nog bepaalde risicofactoren die een rol kunnen spelen?
Mensen met korte spieren, houdingsafwijking in de wervelkolom/bekken of beenlengteverschil hebben een hoger risico. Ook een onvoldoende warming-up kan problemen geven.
9) Zijn dit alle persoonsgebonden factoren?
Een heel belangrijke factor is het trainings- en wedstrijdniveau van de sporter. Zodra je meer van je lichaam eist dan je lichamelijke conditie aan kan loop je een extra risico. Ook vermoeidheid, en daardoor concentratieverlies, verhogen het risico van ongecontroleerde bewegingen en dus ook van dit soort blessures. Vooral voor de ontsteking van de pees aan het schaambeen geldt dat veelvuldig repeterende bewegingen de overbelasting kunnen veroorzaken.
10) Welke overige factoren zijn er nog meer?
Vaak spelen verkeerde schoenen of een verkeerde (te gladde) ondergrond een rol bij het ontstaan.
Daarnaast is het bij koud weer belangrijk de warming-up in trainingsbroek te doen om de spieren maximaal warm te houden.
11) Als ik klachten krijg wat kan ik dan als eerste hulp doen?
Als eerste hulp kan je:
• Koelen door ijs (cold-pack) op de zere plek te leggen en dit tien tot vijftien minuten te laten liggen. Dit kan je elk uur herhalen. Bescherm de huid en genitaliën door een dun doekje tussen het ijs en de huid te leggen. Daarmee voorkom je bevriezing.
• Een drukverband aanleggen. Door de externe druk kan je een deel van de onderhuidse bloeding voorkomen. Dit lukt alleen bij een blessure in de spierbuik.
• Stoppen met sporten en de spieren ontzien. Het kan nodig zijn om extra steun te zoeken en met krukken te gaan lopen.
Bij twijfel is het verstandig om direct een (sport)arts te bezoeken.
12) Wat kan ik daarna doen?
Bij graad 1 kan na één of twee weken weer voorzichtig belast worden. Als na twee weken de klachten nog bestaan, ga dan zeker naar de huisarts of een Sport Medisch Adviescentrum (SMA).
Blessures en ontstekingen bij de peesaanhechting hebben vaak langer nodig. Met een beetje pech ben je dan al gauw 6 tot 8 weken verder. Blijf bij het belasten altijd binnen de pijngrens.
Bij 2e en 3e graad is een bezoek aan de arts of specialist gewenst.
13) Hoe kan ik de belasting het beste opbouwen?
Als eerste kan je beginnen met lichte oefeningen zoals voorzichtig steunen op het geblesseerde been.
Als dat pijnvrij kan, is fietsen een goede start om de doorbloeding te verbeteren en herstel te bevorderen.
14) Volgens mij gaat mijn conditie niet snel vooruit met dit advies. Is er een beter alternatief?
Neen. Helaas zal je moeten kiezen tussen conditieverbetering en herstel. Wel is het zo dat je in een fitnesscentrum natuurlijk de rest van je lichaam kan trainen als je maar zorgt dat de adductoren buiten gebruik blijven.
15) Is minder trainen afdoende om te herstellen?
Om te herstellen wel. Fysiotherapie (massage) en sauna kunnen het herstel mogelijk bespoedigen. Om herhaling te voorkomen zal de achterliggende oorzaak moeten worden weggenomen. De spieren zullen na herstel weer op lengte en kracht moeten worden gebracht.
16) Hoe rek ik die spieren?
Het makkelijkst gaat het door wijdbeens te gaan staan, beide voeten plat op de grond en tenen recht naar voren, en naar één kant “over te hellen”. De romp blijft hierbij rechtop. Het been waar je gewicht op steunt kan je dan voorzichtig buigen. Je voelt dan de rek in de adductoren van het andere been toenemen. Als je dat enkele keren 20 seconden herhaalt hebt kan de andere kant gerekt worden. In ieder geval niet veren en zorg voor een stroeve ondergrond. Want als je wegglijdt worden de klachten zeker niet minder. Blijf bij het rekken altijd binnen de pijngrens.
17) Zijn dit alle spieren die ik moet rekken?
Neen, bij 16) staat de belangrijkste oefening voor de lange adductor. Er is echter ook een “korte versie” van die spier (m. adductor brevis). Die kan je rekken door op de grond te gaan zitten en de voetzolen tegen elkaar aan te plaatsen. De romp recht omhoog houden en de knieën rustig naar de grond laten zakken. Als extra gewicht kan je de ellebogen op je knieën laten rusten. Ook hierbij weer niet veren, enkele keren herhalen en binnen de pijngrens blijven.
18) Hoe kan ik de spieren weer op kracht brengen?
Dat gaat heel gemakkelijk. Elke beweging waarbij de knieën met kracht naar elkaar toe worden bewogen is effectief. Zelfs op kantoor of in de klas kan je, zonder dat iemand het merkt, doortrainen. Gewoon een boek tussen de knieën en duwen maar. Teveel fanatisme levert wel weer een overbelastingsrisico op. Ook krachtoefeningen waarbij een stevig elastiek, dynaband of binnenband van een fiets als weerstand worden gebruikt zijn prima. In het fitnesscentrum kunnen natuurlijk ook diverse oefeningen worden gedaan.
Als je toch bezig bent kan het zeker geen kwaad om ook de buikspieren een kwaliteitsslag te laten maken.
19) Kan ik nog aanvullende maatregelen nemen als ik weer ga sporten?
Ja, behalve een goede warming-up en rustig beginnen kan het verstandig zijn om je de eerste wedstrijden of trainingen preventief te laten tapen. Zorg ook dat er voldoende beschermende kleding is zodat de spieren niet afkoelen.
20) Nu weet ik hoe ik er aan kom en hoe ik er weer vanaf kan komen. Kan ik ook voorkomen dat het zover komt?
Doe vooral een goede warming-up met voldoende rekoefeningen.
En: Luister naar je lichaam, dat is je beste adviseur.
Voor de overige vragen en antwoorden: Klik dan op onderstaande link...
www.blessure-aanwijzer.nl
Bron:
Arie Meijboom
(Sport)massagepraktijk Meijboom
J. van Heemskerklaan 10
1901 VX Castricum
tel: 0251-65 50 94
mobiel: 06-53 50 21 61
http://www.blessure-aanwijzer.nl
|
|
 |
|
 |
|
|
|
|